Hij staart me recht in het gezicht, de dood

Het staart me recht in het gezicht, de dood. Dat begon vanochtend al en nu trekt hij steeds even de aandacht. Wat een naarling. Wat een ontzettend vervelende pestkop. Hij kwetst, is gemeen, oneerlijk. Zomaar iemand uit het leven grijpen, een prachtige vrouw met twee prachtige dochters en een lieve man aan de foto’s te zien.

Ik heb haar niet gekend, maar als ik alle condoleance-berichten mag geloven was dit een heel erg bijzondere dame die zoveel andere vrouwen recht in het hart raakte, op de best mogelijke manier. Het maakt indruk op me, merk ik. Het doet wat met me. De angst voor de dood wordt weer in mij aangewakkerd. Want man oh man wat ben ik bang voor de dood. De dood van mezelf maar ook die van mijn geliefden. De dood heeft zich weer van zijn ‘beste’ kant laten zien door iemand weg te nemen die zoveel goeds deed. Iemand die juist zo met Leven bezig was.

Hoe moeten die twee lieve meisjes dit nu te boven komen? Het lukt ze vast, op een moment, ergens in de toekomst, het slijt, heel langzaam en beetje bij beetje, zoals de zee de rotsen door de eeuwen heen slijpt en vormt, zo slijt de pijn van het verlies ook en het vormt je als mens. En het verdriet wordt ook iedere dag een beetje minder. Maar niet het gemis. En met gemis komt ook weer verdriet. En met verdriet ook weer de pijn. Want deze lieve meisjes vieren hun verjaardag, hun mama was ook jarig, nu heeft hun mama ook een sterftedag, dan zijn er de feestdagen die net iets minder feestelijk zullen zijn en misschien de komende jaren helemaal niets met feest te maken hebben, belangrijke momenten zoals misschien wel het gaan samenwonen, trouwen of afstuderen, een gebroken hart of de geboorte van een kindje. Hoe moeten die lieverds dat nu doen, zonder mama? Het kan en het is mogelijk en papa is er gelukkig ook. Maar mama is ook zo belangrijk. Hoe moet dat? Het is niet bevatten.

En zo projecteer ik het op mezelf, want ook ik kan er ieder moment uitvliegen door wat voor reden dan ook. Of de papa van mijn kindjes. Dat kunnen die kleine kinderkopjes toch niet bevatten? Een volwassene kan dat al nauwelijks, laat staan een kind. Hoe leg je het uit, dat mama er straks niet meer is, en morgen ook niet en de dagen daarna ook niet. Dat ze niet komt kijken bij het afzwemmen, dat ze niet bij de muziekuitvoering op school kan zijn, dat papa het ook even niet meer weet, haar knuffelen kan niet meer en haar om raad vragen, ook al betreft het alleen maar een ‘waar is mijn tas’, kan ook al niet meer.

De dood staart me aan maar begint af te taaien. Hij wendt zijn hoofd af en loopt van me weg met een langzame tred. Hij strompelt een beetje en haalt zijn schouders op. Hij weet het eigenlijk niet. Er zijn geen antwoorden. Het is niet eerlijk. We moeten er doorheen. Een manier vinden om er mee om te leren gaan ooit. Als die manier bestaat. Simpeler is het eigenlijk niet, en veel harder zal het ook niet worden en ook niet eerlijker of makkelijker.

Ik zie de dood niet meer en heb het van me af geschreven. Voor mij is het klaar. Maar voor de nabestaanden niet. Voor hen begint het net. Voor hen zijn de tranen vers, begint de dag rauw, onwerkelijk.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s